Kan een mens te veel gitaren hebben?
Op zich niet natuurlijk. Maar je kunt wel te klein behuisd zijn. En aangezien mijn studio ook de keuken is, mijn kantoor ook de eettafel en de werkkamer van mijn vrouw ook de slaapkamer van mijn dochter én logeerkamer is het niet handig als je struikelt over meerdere, ongeveer dezelfde gitaren.
Ergens ben ik een “Ovation man” geworden. De bespeelbaarheid, de klank en het uiterlijk van deze gitaren spreken me erg aan. Ook als zijn ze niet meer zo immens populair als in de jaren ’80, ik ben merktrouw. Gibson, Fender, Ovation. De Ovation klinkt ook mooi samen met de Taylor van collega Anton. Dus ik ben er blij mee.
Fijn voor Ovation.
Want ik maak dingen ook wel op, zeg maar. Heb er intussen ook wel een aantal versleten. De eerste heb ik geruild voor een basgitaar (heb je ook nodig…), de tweede is doodgereden door collega Easy Money en hangt nu in Paddy Murphy’s. Waar nummer drie heen is weet ik eigenlijk niet eens meer. Mijn eerste blauwe exemplaar kreeg ik op nogal ludieke wijze. Een kennis besloot ook gitaar te gaan leren spelen en vroeg of ik hem wilde helpen met de aanschaf. Na een middagje proberen in Feedback bleek binnen zijn budget de blauwe Ovation de beste prijs/kwaliteitsverhouding te leveren en hij ging mee. En ik was eigenlijk een beetje jaloers want, gezien mijn naam had ik zelf ook wel een blauwe gehad willen hebben. En het was een mooi ding. Tot mijn geluk en zijn schrik ontdekte deze man echter reeds na één les dat de aanschaf van een gitaar niet volstaat om gitarist te zijn. “Het doet pijn, het klinkt nergens naar en ik houd er mee op”. Die eerste twee had ik hem ook wel kunnen vertellen en die laatste conclusie vond ik wat kort door de bocht maar de gitaar was ineens surplus en tweedehands en ’s man’s teleurstelling was dusdanig dat ik haar voor minder dan de nieuwwaarde kon overnemen. Mijn eerste blauwe Ovation! Op aanraden van Gipsy Dave heb ik een paar bijpassende blauwe slangenleren laarzen bij gevonden. Neppe, maar wel bluddie koel.
Maar een arme gitaar in het bezit van Bennie Blue heeft flink te lijden. Optredens op tropische stranden, op boten, in zompige kroegen en regenachtige festivals zijn niet goed voor zo’n ding. Ze valt eens om, iemand stoot er tegenaan of gaat er op zitten en er gaat zweet overheen. Liters zweet. Butsen, deuken, krassen, vlekken. Tot twee keer toe het bovenblad opnieuw vast moeten laten lijmen, een scheur in het achterblad en aggossie de stemmechanieken vielen ook in onderdelen uit elkaar. Dat was wel zo’n beetje het einde want hoewel ik niet erg veeleisend ben vind ik het wel fijn als ik mijn gitaar kan stemmen.
Dus er moest een nieuwe komen en aangezien ik op zich erg tevreden was over mijn afgebeulde schat heb ik via het Internet gewoon exact dezelfde laten aanrukken. Ding dong, postbode, kartonnen doos met een gitaar er in. Easy! Ik heb er een paar keer op gespeeld maar het leek wel of ik minder handig werd. Ik maakte me zorgen omdat sommige op zich best makkelijke akkoorden en riffs me moeilijk af gingen. Werd ik oud? Oefende ik te weinig? Latente reuma misschien?
Een verpletterend inzicht…
…kwam opeens over me toen ik besefte dat de moeilijkheden tegelijk met de aanschaf van de nieuwe gitaar waren gekomen. Ik dacht “laat ik eens gek doen” en bestelde een setje stemmechanieken voor het oude beestje dat voor noodgevallen nog in een hoek stond. Ding dong, postbode, kartonnen doosje en een paar tientjes en twintig minuten schroeven later zaten ze er op. En kon ik inderdaad weer de Dm7 en het tokkeltje van “The needle & the damage done” spelen. Niks oud, nergens reuma! Allez, die krassen en deuken nam ik dan maar op de koop toe, het is toch vaak donker waar ik speel en het oude besje werd in ere hersteld. De nieuwe ging in de hoek voor reserve. (De hoek van de keuken die ook mijn kantoor is en waar alle gitaren staan en hangen)
Een buitenkans.
Maar net toen ik eigenlijk dacht voorlopig wel even voldoende semi-akoestische gitaren te hebben hoorde ik via-via van een bijzondere kans. Zo’n verhaal van een weduwe en een nooit uitgepakte trofee op zolder. Een limited edition 1994 superdeluxe topmodel met een Certificaat en een handtekening van meneer Ovation zelf. Eigenlijk een beetje te mooi voor een bruut als ik dus eerst zeiden we van doe maar gewoon via Marktplaats. Ik heb er al twee. Maar de biedingen waren niet schokkend en na een maand of zo werd ik gebeld of ik haar toch niet eens wilde proberen. Ja, wat krijg je dan. Zo’n ding is niet voor niks vier keer zo duur als wat ik normaal bespeel en toen ik de klank hoorde en de hals voelde was ik verkocht, en de gitaar ook. Ovation nummer drie in da house. Da very small house. En één van de drie speelde niet lekker.
Een tweede vlaag…
…van verpletterend inzicht deed me ineens beseffen dat een gitaar die moeilijk speelt niet per sé slecht hoeft te zijn. Misschien heeft ze wel een slechte jeugd gehad en kan er met wat liefdevolle zorg toch nog een volwaardig lid van een gitaarcollectie van worden gemaakt.
Halspennen en topkammen vallen buiten mijn vermogens dus werd deze jongedame bij een gitarendokter gebracht en na eventjes vijlen, een liefdevolle draai aan een halspen en een glimmend setje nieuwe snaren was het presto! Een uitstekende gitaar voor weer een paar tientjes. En daarmee de derde semi-akoestische Ovation in Huize Blaauw. Had ik jullie al eens verteld over de ruimte hier?
Te koop:
Daarom doe ik bij deze een semi-akoestische, koningsblauwe en beter dan nieuwe Ovation in de verkoop. Op afspraak af te halen zonder doos, hoes, koffer of draagband maar perfect afgesteld en met nieuwe snaren. Voor iets minder dan de nieuwprijs van € 450,-, zeg minimaal € 300,- . U kunt nu bellen. Of mailen. Of hier ter plekke reageren.